Algemeen | Contact | Ligging | Adres | Ombudsdienst | FAQ | Sitemap       A | A | A
Snelzoeken
 

Ziekenhuis

Geschiedenis

Het A.Z. Heilige Familie werd in 1959 opgericht door de Congregatie van de Gasthuiszusters Augustinessen van Boom. Deze congregatie werd zoals vele Vlaamse en buitenlandse congregaties in het midden van de 19de eeuw gesticht. Het kloosterleven kende toen een enorme bloeiperiode. Dit leidde in verschillende gemeenten en parochies tot heel wat initiatieven die allen een sociaal-maatschappelijke nood probeerden te beantwoorden. De vrouwelijke religieuzen hielden zich vooral bezig met armenzorg, ziekenverpleging, volksonderwijs, enz.

De gasthuiszusters Augustinessen van Boom waren uitsluitend actief in de zorgsector. Bijna 100 jaar lang vervulden ze een dienende rol in het Sint-Jan Baptist Godsgasthuis, dat in handen was van de gemeente Boom. Dit godsgasthuis was lange tijd een toevluchtsoord voor de armen en behoeftigen uit de regio. Naast bejaarden en wezen vonden vooral zieken besmet met cholera, tyfus en pokken (de typische volksziekten van de 19de eeuw) de weg naar het godsgasthuis. De infrastructuur van de instelling werd onder druk van deze epidemieŽn aanzienlijk uitgebreid.

Pas vanaf het interbellum kreeg het godsgasthuis de functie van een echt ziekenhuis. Het ziekenhuis werd ingericht met een operatiezaal en de geneesheren kregen een belangrijkere plaats in de instelling. De zorgverlening werd nu meer en meer bepaald door een medische visie. De religieuzen trachtten deze evolutie te volgen en de meeste zusters behaalden een diploma verpleegopleiding.

Als religieuzen-verpleegsters in de "Rode Rupelstreek" hadden de gasthuiszusters vooral een belangrijke symboolfunctie. Zij bepaalden dan ook de sfeer van het ziekenhuis. Toen de socialisten in 1926 de gemeenteraadsverkiezingen wonnen, werd de situatie echter problematischer. Onder impuls van het bisdom en Caritas Catholica werd een eigen Algemeen Ziekenhuis en een rustoord opgericht. Zo kregen A.Z. H. Familie en RVT De Wijtshage in 1959 een plaats in de verzorgingssector. De congregatie oversteeg hiermee echter haar mogelijkheden om deze instellingen van verplegend personeel te voorzien en zo werden de eerste lekenmedewerkers in de organisaties aangenomen. Doorheen de jaren trachtten de zusters hun charisma en de eigenheid van de congregatie door te geven aan de nieuwe medewerkers. Ook het bestuur gaven ze geleidelijk uit handen.

Sinds 1959 vond menige uitbreiding en verbouwing plaats, zodat het ziekenhuis momenteel 207 bedden telt, een behoorlijke mogelijkheid tot daghospitalisatie biedt en over een gespecialiseerde spoedafdeling beschikt.

Uit: SEGERS Y. Zusters in het wit. Leuven, 1996. p. 216-219.